Terrassen Brugge: liberaler en progressiever!

Op 31 maart kwam de Brugse gemeenteraad samen. Ik hield een interpellatie omtrent de Brugse terrassen-reglementering. Ik haalde voor m’n voorstel onder andere de mosterd in Gent. Deze stad heeft recentelijk haar terrassenregelgeving aangepast. De wens om tot meer uniformiteit te komen op elk van de verschillende pleinen in de stad was hierbij één van de voornaamste drijfveren. Echter koos de stad er ook voor om in het nieuwe reglement zogenaamd maatwerk op het vlak van terrassen toe te laten, dus aparte regels omtrent de terrassen van plein tot plein en van buurt tot buurt.

De horeca is een erg belangrijke sector voor onze stad. Brugge zou een voorbeeld moeten nemen aan de hierboven genoemde regeling. Door het toelaten van een op sommige pleinen en locaties verschillende terrasinrichting zou men beantwoorden aan de aparte dynamiek die op deze pleinen geldt. De horecadynamiek rond de jongerencafé’s op ’t Zand is nu eenmaal niet te vergelijken met de terecht strenge regels en afspraken op vlak van bijvoorbeeld luifels op de Markt of met betrekking tot de terrassen aan de toegangspoort van het Begijnhof. Waar op de eerste plek een kleurrijke toets of een moderner element absoluut zou passen is dit, ook voor ons liberalen, op andere plaatsen zoals de 2 uit m’n gegeven voorbeeld totaal uit den boze.

2014-02-27 12.48.33-2

Hetzelfde geldt voor de inplanting van terrassen. De regels in Brugge zijn strikt. Slecht op een zeer beperkt aantal plaatsen is bijvoorbeeld bediening, ook al is er ruimte, aan de overkant van de straat of het straatje toegelaten. Dit kan beter. Dit kan liberaler en progressiever.

Dit is geen pleidooi alles overal toe te laten, verre van! We moeten uiteraard het karakter van dat plein of die straat centraal stellen.

Ik pleit daarom om de hand te reiken, nog meer dan nu het geval is, naar de horeca. Hun voorstel om bijvoorbeeld een sluitende catalogus te kiezen van terrasmeubilair en –toebehoren waaruit de Brugse horecaondernemer kan kiezen is bijvoorbeeld een gulden middenweg. Het is dan aan de stad om te bepalen, afhankelijk van de horecadynamiek, om aan te geven wat waar kan. De vraag naar een uitgebreidere en soepelere regelgeving vanuit de sector is groot. We hebben het daarbij al te vaak over de café’s maar mogen ook de restaurants niet vergeten die echt, terecht, vragen naar een gezellig klein terras vlakbij hun restaurant.

Het antwoord van de burgemeester was in die zin positief dat hij verder in dialoog wil gaan met de Brugse horeca over de verschillende mogelijkheden op het vlak van terrassen. Ik ga deze dialoog alvast van dichtbij opvolgen!